Vakantie Faeröer eilanden: Rondreis, auto huren, klimaat, info & tips

De Faeröer eilanden liggen tussen Schotland, Noorwegen en IJsland. Politiek gezien is deze eilandengroep – net als Groenland – een autonoom gebied binnen het koninkrijk van Denemarken. De eerste inwoners van deze eilanden kwamen in kleine groepjes vanuit de omringende landen tussen 300 en 800 na Christus. Daarna werd het territorium onderdeel van het Vikingrijk. Het Faeröers, de huidige taal van de archipel stamt uit deze tijd.

De Faeröer eilanden werden onderdeel van Denemarken in 1816. Noorwegen en Denemarken hadden daarvoor eeuwenlang samengewerkt. In de 19e eeuw werkten de inwoners naar een meer autonome positie. Door succesvolle visvangst namen ze hun plek in de internationale handel in. Ze besloten in 1973 om niet samen met Denemarken onderdeel te worden van de EU. Sinds het instorten van de visindustrie in de jaren ’90 is toerisme een steeds belangrijkere bron van inkomsten geworden. Een vakantie op de Faeröer eilanden draait om de spectaculaire landschappen en de authentieke cultuur. 

Vakantie op de Faeröer eilanden

De Faeröer eilanden danken hun naam aan het Deense woord ‘får’ wat schaap betekent. Er wonen hier dan ook veel meer schapen dan mensen. Hun vacht beschermt hen tegen het onherbergzame natte klimaat terwijl ze genieten van het sappige groene gras dat overal groeit. Mensen gaan op vakantie naar de Faeröer eilanden voor de leegte en de adembenemende landschappen. De archipel bestaat uit ruige basaltheuvels. Door de regelmatige neerslag zijn er overal watervalletjes, meren en heel veel groen. De authentieke dorpjes bestaan uit houten woningen met turfdaken die bijna opgaan in de omgeving. Een vakantie op de Faeröer eilanden is zeer geschikt voor avonturiers die iets unieks willen ervaren.

Bestemmingen op de Faeröer eilanden

Tórshavn

Reisaanbieders de Faeröer eilanden

Bezienswaardigheden op de Faeröer eilanden

Tórshavn-Faeröer-eilanden

Tórshavn

Tórshavn ligt op het Streymoy-eiland. De stad is vernoemd naar Tor, de Noorse god van de donder en de bliksem en de hamer van deze god is onderdeel van het wapen van de stad. Met ongeveer 20.000 inwoners vormt het één van de kleinste hoofdsteden ter wereld. Gelukkig doet dat aan de gezelligheid niets af. In Tórshavn zijn vele leuke cafeetjes en restaurants. Het stadje heeft een verrassend hippe sfeer, hoewel het uitzicht op de vissersbootjes een tijdloos tintje aan het geheel geeft – de vangst van de vissers ligt namelijk ouderwets te drogen op het dek. De felgekleurde pakhuizen rond de haven doen je denken dat je in Kopenhagen bent, maar dat idee verandert snel als je een stukje gaat lopen. De andere huizen in Tórshavn hebben traditionele grasdaken.

Tjørnuvik

Je kijkt je ogen uit, iedere keer dat je een blik opvangt van de omgeving van het dorp Tjørnuvik. Dit dorp ligt aan zee, in een diepe baai met steile groene kliffen aan alle kanten. Om het beste uitzicht over de vallei te zien, moet je vanuit het dorpje een stuk omhoog lopen via één van de paden die de omringende bergen inlopen. Vanaf de 564 meter hoge top van de Myligur (Spikey mountain) heb je een adembenemend uitzicht over de groene vallei die het kleurrijke dorp opslokt. Je ziet hoe de woeste golven tegen de rotskust beuken en vraagt je af hoe de lokale adrenalinejunkies in godsnaam op het idee gekomen zijn om te gaan surfen vanaf het zwarte strand vlakbij het dorp.

Gásadalur-Faeröer-eilanden

Gásadalur

Vanaf het vliegveld van Vágar is er één weg en die brengt je door het ruige landschap naar het dorpje Gásadalur. De omgeving is prachtig, je rijdt tussen gletsjers, bergmeren en groene weiden met grazende schapen. Deze nederzetting was tot 2004 alleen per boot te bereiken over de ruige golven van de oceaan, of via een pittige klim door de bergen. Dit pad, genaamd naar de stoere postbode die het elke week trotseerde, kun je nog steeds bewandelen. Sindsdien is er een tunnel geopend die toegang biedt tot de prachtige vallei waarin Gásadalur zich bevindt. Naast het dorp ligt de Múlafossur, een enorme waterval die vanaf een 60 meter hoge klif direct de oceaan instort.

Gjogv-Faeröer-eilanden

Gjogv

De hoogste berg van de Faeröer eilanden heet Slættaratindur. De piek van deze massa basalt reikt tot 880 meter en ligt in het gelijknamige gebergte op het eiland Eysturoy. In dit gebied kun je meerdere prachtige wandeltochten maken. De paden rond Gjogv zijn voor geoefende wandelaars. De grijze wolken die vanaf zee komen blijven vaak tegen de berghellingen hangen waardoor het meestal mistig, nat en glad is op de steile paden met veel losse stenen. Mocht je echter het geluk hebben de top te bereiken bij helder weer, dan word je beloond met een schitterend uitzicht over alle eilanden. Wandelaars met minder ambities kunnen makkelijkere routes vinden in het zuiden van het eiland tussen Runavik en Toftir.

Rondreis op de Faeröer eilanden

De beste manier om de Faeröer eilanden te zien is op een rondreis. Elk eiland in de archipel heeft namelijk zijn eigen charme. Tijdens een rondreis kun je alle 18 eilanden bezoeken, of een mooie selectie maken. Het is mogelijk om zelf een rondreis samen te stellen, omdat er goede verbindingen zijn tussen de verschillende eilanden. Je moet dan wel tijd investeren in het plannen van vluchten, boottochten, huurauto’s en accommodatie. Het is gemakkelijker om een rondreis naar de Faeröer eilanden te boeken via een reisorganisatie. Op die manier hoef je je nergens zorgen over te maken, maar heb je ook niet de mogelijkheid om ergens langer of korter te blijven dan gepland.

Auto huren op de Faeröer eilanden

Het is sterk aan te raden om een auto huren tijdens je verblijf op de Faeröer eilanden. De meeste adembenemende plekken zijn met het openbaar vervoer niet te bereiken. Daarnaast geeft een eigen huurauto je de mogelijkheid om overal te stoppen waar je foto’s wilt maken van het prachtige landschap – en dat zal om de haverklap gebeuren. De wegen op de eilanden zijn vaak onverhard en daarom is het belangrijk om een goede auto te huren en te weten hoe je een lekke band moet verwisselen. De twee grootste eilanden Streymoy en Eysturoy zijn verbonden met een brug en sinds 2002 is er een onderzeese tunnel tussen Vágar en Streymoy. Om naar de andere eilanden te komen moet je met je auto op een ferry. De beste plek om een auto te huren is op het vliegveld van de Faeröer eilanden.

Reizen naar de Faeröer eilanden

Voor liefhebbers van unieke reizen zijn de Faeröer eilanden een absolute must. Deze eilandengroep is nog vrijwel onontdekt door massatoerisme. Het landschap heeft dezelfde dramatische aantrekkingskracht als IJsland, maar de dorpen zijn heerlijk authentiek gebleven. Op deze archipel zul je vaak helemaal alleen op een prachtige plek staan met enkel ruige natuur om je heen. De Faeröer eilanden zijn veilig en goed genoeg georganiseerd om op eigen houtje naartoe te reizen. De lokale bevolking is super gastvriendelijk en altijd bereid om te helpen. Er zijn ook georganiseerde reizen naar de Faeröer eilanden. Hiervoor hoef je enkel de tijdsduur van je vakantie te bepalen en de rest wordt voor je geregeld.

Het klimaat op de Faeröer eilanden

De Faeröer eilanden hebben een nat maar mild klimaat vergeleken met andere plekken die zo noordelijk liggen. Dat komt doordat de warme Atlantische golfstroom langs de eilanden stroomt. Het is echter bijna nooit warm in deze regionen. De beste reistijd is tussen mei en september wanneer de temperatuur tussen de tien en vijftien graden ligt. In die maanden zijn de dagen lang en komen veel vogels naar de eilanden om te smullen van de bloeiende planten en de vele insecten. In de wintermaanden zakt de temperatuur richting het nulpunt, maar door de warme golfstroom vriezen de havens eigenlijk nooit dicht. Het sneeuwt weleens, maar dit blijft aan de kust eigenlijk nooit liggen. Het klimaat op de Faeröer eilanden kan altijd snel omslaan.

Blogs over de Faeröer eilanden

Veelgestelde vragen over de Faeröer eilanden

Scroll naar top